Veerkracht

Veerkracht

Het is gemakkelijk om positief te blijven, zolang alles op rolletjes loopt. Saaiheid ligt op de loer. Niet voor niets eindigen de meeste sprookjes met ‘ze leefden nog lang en gelukkig’. Laten we eerlijk wezen: het leven wordt pas interessant als het eens even tegen zit.

Want hoe ga je om met tegenslag, teleurstelling en frustratie? Ieder van ons krijgt er vroeg of laat mee te maken, wie je ook bent. En meestal komt een teleurstelling niet alleen. Het leven neemt ons soms flink te grazen. De een gaat daar beter mee om dan de ander en slaat zich er dapper doorheen. Een ander zit in zak en as en zwelgt in verdriet. Waar zit ‘m dat in? Wat helpt als niets lijkt te lukken?

Verbinding

Zolang je verbinding voelt met de wereld om je heen, zul je minder snel geneigd zijn tot zelfbeklag. Je deelt je leed, maar blijft er niet in hangen. Iedereen heeft immers weleens pech en nu ben jij aan de beurt. Schouders ophalen en de draad oppakken, is het devies. Door je houding open je je voor de steun van de mensen om je heen. De narigheid krijgt minder snel vat op je. Je kern blijft heel.

Als je geen verbinding voelt, dan sta je er letterlijk alleen voor. Je hebt geen oog meer voor anderen. Jouw leed is alles wat je ziet en het neemt daardoor buitensporige proporties aan. Door je houding weer je hulp van anderen af. Ook ervaar je zelf minder mogelijkheden om uit de problemen te komen. Je ziet ze eenvoudig niet.

Humor

Humor is een krachtig wapen bij tegenslag. Het helpt je om je leed te relativeren en geeft ruimte aan hoop op betere tijden. Hiermee open je je ook naar anderen toe en laat je hen toe in jouw misere zonder hen te verzuipen.

Een humorloos bestaan maakt dat je verzuurt en verhardt. Neem jezelf daarom niet al te serieus en kijk goed om je heen. Iedereen heeft zijn troubles en probeert er wat van te maken. Je bent niet alleen.

Overtuiging

Een duidelijke levensovertuiging zoals religie of spiritueel besef kan helpen bij het geven van betekenis aan de hobbels die je tegenkomt.  Mogelijk kun je ze dan zien als levenslessen die je niet voor niets op je pad vindt. Het is dan aan jou om ze onder de loep te nemen. Wat kun je hiervan leren? Welke ontwikkeling wordt hierdoor geprikkeld?

Veerkracht

Soms is het leed zo groot dat je helemaal geen betekenis ziet. Forceer jezelf dan niet en geef ruimte aan je verdriet. Alles heeft zijn tijd. Het is goed mogelijk dat je op een dag weer licht zult zien, beetje bij beetje. Want alles beweegt, ook je pijn. That’s life.

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Oerkracht

Op mijn 34e kwam ik oog in oog te staan met de Matterhorn. De berg ligt midden in een massief in Wallis, Zwitserland. Het is een deels beschermd natuurgebied, je kunt er niet met de auto komen. Een tandradbaantje brengt je vanuit Zermatt tot panoramahoogte. ’s Zomers zie je, waar je ook kijkt, de bergwandelaars en klimmers, in de winter heersen de skiërs op de vele pistes. Overal om je heen zie je de Walliser Alpen, de een nog mooier dan de ander. Maar je ogen worden automatisch getrokken naar de Toblerone-berg. De kracht die ze uitstraalt is ongekend.

Voor mij werd de Matterhorn niets meer of minder dan de berg van de Waarheid.

Stoeiend in een sukkelende relatie was ik op onze zoveelste kampeervakantie met huurauto. We stonden op een camping in het plaatsje Brig. Het was weer eens eind van het seizoen, zodat de meeste gasten vertrokken waren. Door de koele berglucht was de joggingbroek prominent aanwezig.

We hadden in de voorliggende jaren het beste uit onze relatie gehaald. En nu was de onuitgesproken vraag wat er over was. De patronen leken vast te liggen, de sleur en de hangerigheid waren ruimschoots binnen handbereik. Het leek steeds meer een opgave te worden om moeite te doen voor de ander. Ik voelde me niet voldoende gezien en had hier juist steeds meer behoefte aan. Het was alsof ik in de wintertijd nog even flink aan de boom wilde schudden, in de hoop er vruchten uit te halen. De respons was minimaal.

Starend naar die grote, magnifieke berg realiseerde ik me hoe alleen je kunt zijn in een ‘samen’zijn. En hoe ik dat niet wilde. Te midden van het natuurgeweld hoorde ik mijn Innerlijke stem, zoals ik haar nog nooit had gehoord. De stem schreeuwde in stilte. Wanneer zou ik eens gaan luisteren?

Na al die jaren ben ik nog steeds diep onder de indruk van die ervaring bij de Matterhorn. De verbondenheid die ik voelde met de natuur om me heen, stond in schril contrast met het afgesneden zijn van mijn geliefde. De antwoorden op mijn onuitgesproken vragen waren kristalhelder. Ik kon er niet omheen, ik moest aan de slag.

De tijd in Zwitserland bleek het begin van het einde voor de relatie. En hoe vreemd is dat toch, zo’n einde aan een samenzijn. Waar we eens samen op trokken, vol plezier, gezelligheid en ontwikkeling, verzandden we in gedeelde negativiteit en gingen we uiteindelijk ieder onze eigen weg. De scheidslijn is vaak helder, maar waar gaat het mis? Wanneer kantelt het geluk en ligt vervreemding op de loer? En (hoe) kun je het herkennen en het tij keren?

 

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Als je alles hebt

Ik heb praktisch alles wat mijn hartje begeert. Ik ontwikkel me naar hartenlust dankzij een lieve en creatieve man die het beste in me naar boven haalt en me doet stralen, een baan waarin ik blijf groeien, een veilig nest van familie en vrienden, een stoere Volkswagen en een huis waar vreugde en rust de grondelementen vormen. Mijn oude liefde tennis brengt me steeds meer vreugde. Er zijn veel momenten waarop ik geluk ervaar. Ik leef!

Wat wil je nog meer?

Ik mis het gezinsleven waar ik als jonge vrouw van droomde. Zo graag had ik een kindje in mijn buik willen dragen, een kleine Robinia vol streekjes en met de stralende lach van haar vader. En ze kreeg ook nog een broertje, als het had gekund. Ik had hoger willen staan op de maatschappelijke ladder, als leidinggevende in de communicatie of, nog liever, als fulltime schrijver mijn inkomen willen verdienen. Ik had ons eigen huis willen hebben, met openslaande deuren bij de serre en een grindpad. En die Volvo stationcar, met ruimte voor de labrador. Mijn verlangen kent vele clichés en ik koester ze. De felle pijn behoort tot het verleden. Mijn geluk van de laatste jaren heeft deze verzacht. En de toekomst heeft nog veel in petto, als het aan mij ligt. Ik ga ervoor!

Wat is echt belangrijk?

Alles draait om liefde en geluk. Verbinding. Om geluk te ervaren, moet je vriendjes worden met jezelf, je beslissingen en je levensloop. Dan zul je de wereld om je heen ook liefdevoller ervaren. En je gaat de kansen zien. Iedereen krijgt kansen in het leven. En als je er eentje mist, is er nog geen man overboord. Voor je het weet, staat er een nieuwe voor je neus. Toch kun je er in de tussentijd flink van balen als je er eentje gemist hebt. De vraag is waarom dit is gebeurd. Was het niet jouw kans? Of niet de kans van je dierbare(n)? Goed luisteren en voelen kan je de antwoorden geven die je zoekt.

De Rolling Stones zingen het al jaren:

  • You can’t always get what you want
  • You can’t always get what you want
  • But if you try some time
  • You might find
  • You get what you need
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Dynamiek

Elk gezin heeft haar eigen dynamiek. En dat heeft gevolgen. Als ouders kun je het niet snel goed doen. Vroeg of laat staan je kinderen voor je neus met op- en aanmerkingen. Je gaf te weinig aandacht of smoorde ze juist in je betrokkenheid. En die kritiek kan jaren aanhouden. Om voor mezelf te spreken: pas op mijn 35e vertelde ik mijn vader dat ik hem niet langer wilde veranderen en hem vanaf dat moment zag als de volwassen man die hij was. Hij was aangenaam verrast. Dat hij dit nog mocht meemaken!

Al had ik wel kritiek op hem, toch lijk ik sterk op mijn vader. Net als hij hou ik van rust en harmonie. De drie druktemakers in ons gezin hadden daar niet altijd oog voor. Het energieke Piepkuiken dat enthousiast z’n ruimte innam in het nest, de Big Mama en de Grote Zus die alles beter kon dan ik, ballet, harp…, zucht. Met hun levenslust en dominantie zaten ze regelmatig in ons vaarwater. Soms lukte het mijn vader en mij eraan te ontsnappen. Samen een stukje harken in de tuin. Dat waren fijne momenten.

Ons gezin kende veel zekerheden en ook veel liefde. Vooral die van mijn moeder was nadrukkelijk aanwezig, soms meer dan… Haar liefde en aandacht zaten in het eten, in het huis en in de betrokkenheid bij de kinderen. Mama zorgde voor ons als een tijgerin, ze greep ons in het nekvel als we in haar ogen te ver gingen. Over dat laatste verschilden we nogal eens van mening. Het was hoe dan ook ondenkbaar dat je aan haar voorbijging.

Ieder van ons ontwikkelde een eigen levensstrategie om zich te handhaven in het gezin en daarbuiten. Ikzelf werd een meester in het ontwijken van en anticiperen op die overdaad aan aandacht. Onopvallend ging ik mijn eigen gangetje. Met mijn diplomatieke natuur en aangeboren empathie voorkwam ik confrontaties. Pas later in mijn leven leerde ik er de waarde van kennen. Als het echt nodig is, durf ik ze nu ook aan te gaan. Maar een ster zal ik er nooit in worden.

Na de veel te vroege dood van mijn moeder was het gezin haar anker kwijt. Losgeslagen gingen we ieder onze eigen weg. Af en toe vonden we elkaar, maar vanzelf ging dat niet. Pas toen mijn vader opnieuw het geluk vond, werd de band in het nieuwe gezin hersteld. En ook onze nieuwe liefdes passen hier goed in.

Ons gezin heeft veel geluk gehad. We zijn nu zover dat ieder zo’n beetje mag zijn wie hij/zij is. Er is liefdevolle aandacht en respect. De onhebbelijkheden zijn gebleven -we blijven mensen-, maar de scherpe kantjes zijn eraf. In dit proces speelt de liefde een grote rol. En dat is niet zo verwonderlijk. Of juist wel? Want zo blijven dan: geloof, hoop en liefde, maar de meeste van deze is de liefde (Kor. 13:13).

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Hoe het juffertje verdween uit Zeist

Sinds een paar maanden is ze verdwenen. Het juffertje uit Zeist. Bijna 17 is ze. Zelf was ze het er niet mee eens, ze had nog kilometers verder gewild met ons. Zuid-Frankrijk, Berlijn, zij zag het nog wel zitten. Af een toe een slokje olie, misschien de versnellingsbak even doorsmeren, maar dan waren we er ook wel. En al die jaren trouwe dienst, was dat ook niet iets waard? Want wat hadden we samen niet allemaal beleefd?

En daar heeft ze een punt. We hebben ongelooflijk veel beleefd samen. Want we hebben het over bijna 12 jaar trouwe dienst. Twaalf jaar uit mijn leventje. En wat is er veel gebeurd. Het was een periode vol groei, nieuwe stappen en avontuur.

De Twingo vormde de brug van binnen naar buiten. Zo deed ik nieuwe ervaringen en netwerkgesprekken op en onderhield ik sociale contacten. Zo hielp ik mezelf beetje bij beetje uit een benarde situatie. In die tijd beoefende ik het principe ‘fake it till you make it’. En de auto hielp daarbij (ja, zelfs zo’n kleintje als de mijne). Als ZZP-er in de dop hanteerde ik een opdrachtenportefeuille ‘waarin nog ruimte was’ en beschreef ik mijn talenten als tekstschrijver met mooie volzinnen, engagement en veel bravoure.

Onze tijd samen kende veel plezier en dat was na een minder leuke tijd heel welkom. Net alsof je  uit de schaduw in de zon komt. Langzaam maar zeker voel je de warmte van de stralen op je gezicht. Het leven lacht, en jij lacht terug!

Mijn werkende bestaan kreeg met elke kilometer meer vorm. Het zelfstandig ondernemerschap bleek voor mij vooral een springplank naar de reguliere arbeidsmarkt. Het onzekere bestaan van de eenpitter paste niet bij mijn gestel. Ik vond mijn draai pas echt bij de universiteit. Voor mij is dit al jaren een speeltuin van online en offline avonturen. De uitdagingen hier sluiten beter aan op mijn vermogens en verlangens. De auto is vooral een luxe diertje op regenachtige dagen.

Mijn geluk kende geen grenzen. In de loop der jaren kreeg de Twingo een extra chauffeur. Een ridder nam plaats achter het stuur en bracht ons naar mooie oorden. We zijn nu samen onderweg en delen de rijkdom van het geluk.

De zon schijnt nog volop. Het juffertje slijt haar laatste dagen ergens in Friesland. Mijn ridder en ik, wij zoeven nu over de weg in een bijna nieuwe bolide en genieten van alle nieuwe snufjes en comfort. Maar mijn tijd met haar blijft onvergetelijk. A toujours, ma belle!

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Kerstgedachten

Op dit moment heeft Tijn, het ongeneeslijk zieke jongetje, 1.301.024 euro binnengehaald voor het Rode Kruis. De hulpverleners kunnen hier ruim 325.000 kinderen mee helpen, die anders mogelijk zouden overlijden aan longontsteking. De getallen zijn indrukwekkend, je wordt er stil van. De teller loopt overigens nog door, want het is pas vrijdag 23 december.

Het positivisme werkt aanstekelijk. Mannen lakken hun nagels in allerhande kleuren en dagen elkaar uit. Social media ontploffen door het zwaan-kleef-aan principe. Op het nieuws biedt de berichtgeving, tussen de terroristische aanslagen door, een welkome afleiding. Wat een briljant idee van vader en zoon. De boodschap is helder: het is nooit te laat, ieder leven telt en elke minuut kun je je leven invulling geven. Beiden dagen je uit dat ook te doen. En we doen het. We antwoorden in grote mate. We zijn geraakt door het bittere lot van een kind dat zelfs in zijn beroerde situatie aan anderen blijft denken.

Hoe anders is de leefwereld van vele fanatieke strijders, overwegend mannen maar ook steeds meer vrouwen, die op dit moment hun duistere zaakjes aan het plannen zijn. Zij zoeken de dood, het verderf en eeuwenoude wraak. Hun hoofden zijn zwart van het gif en van de walging van Westerse waarden. Zij willen de Europeaan laten lijden, zoals hun volk dat jarenlang heeft gedaan. Hun interpretatie van de Koran bestaat uit kille oordelen en levensbedreigende wetten. In hun harten is geen vergeving, geen vreugde, geen warmte. Ze slepen zelfs kinderen mee in hun haat. Kinderen die te vroeg, veel te vroeg, op het slagveld terechtkomen. Murw raken van de dode lichamen en het eindeloze geweld. Afstompen en zelf verworden tot moordmachines.

Vanuit je luie stoel achter je bak chips is het gemakkelijk oordelen. Weg ermee. Het is allemaal tuig en tuig daar moet je korte metten mee maken. Die willen we hier zeker niet. Terug die grensbewaking en een hek om Europa. Toch?

De vraag is of dat je veel zal helpen. Deze kinderen groeien op dit moment op in steden als Aleppo. Steden waar geen gebouw zonder schade is en geen familie zonder drama. Waar geen school is of hoogst onregelmatig, geen verjaardagsfeestjes, geen Nintendo, geen Ipad en geen Nutella. Het begrip ‘veilig’ is volledig aan hen voorbij gegaan. Ze zijn getuige van dagelijks geweld en weten dat de wereld toekijkt via Twitter en TV.  Wat doet dat met een mens? Wat doet dat met een kind? Hoe ontstaat haat?

En hoe breng je vrede? Hoe kantel je de vernietigingszucht? En waar begin je in hemelsnaam?

Denk nog even aan de challenge van Tijn en zijn vader. Hun richtbedrag was bij de start van de actie 100 euro. Door frank en vrij nagels te lakken hebben zij aan het einde van dit stukje inmiddels 1.339.382 euro opgehaald. En de actie loopt nog een dag… Wat leert Tijn ons? Van een kleine fijne gedachte kun je iets heel groots en iets heel moois maken. Zo’n gedachte delen, brengt verbinding tussen jou en de ander. Waar verbinding is, krijgt haat minder kans. Vriendelijk zijn en open staan voor anderen heeft zin.

Zelfs al leef je je laatste dag.

Vrolijk kerstfeest!

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over grenzen

Als student hield ik me niet veel bezig met politiek. In het veilige Nederland van de jaren 90 was dat ook niet nodig. Achteloos hielp ik Groen Links of D’66 aan hun zetels, het progressieve hart klopte volop. Tolerantie betekende voor mij dat alles moest kunnen en dat iedereen welkom was. Met een hippie-achtig motto als ‘leven en laten leven’ stond ik open voor mensen van alle gezindten. Dat hield ik jaren vol. Overigens ontmoette ik mijn medelanders zelden, mijn kringetje bleef onbedoeld erg Nederlands. Feitelijk leefden we langs elkaar heen.

 Als dertiger verhuisde ik naar een uitgesproken witte wijk met een overschot aan bejaarden. Ook daar deelde ik de idealen van Femke Halsema en kereltje Pechtold. Mijn culturele ergernissen bleven beperkt tot een lelijke satellietschotel aan mijn appartementencomplex. Verder was het onbekommerd wonen. Een hartelijke, links georiënteerde houding kostte nog steeds weinig moeite.

Begin veertig verhuisde ik naar een multiculturele wijk en kreeg voor het eerst in mijn leven te maken met buren afkomstig uit een Noord-Afrikaans land. Samen met mijn partner wilde ik met hen kennismaken (dat hadden we  vroeger zo geleerd) en nodigde hen hartelijk uit voor een samenzijn. Dat was het begin van een opstapeling van misverstanden. Want het bleek ondenkbaar dat wij met zijn vieren samen iets zouden drinken. Dat deden zij niet in hun cultuur, hoe konden we het vragen. En mevrouw verliet bovendien nooit haar huis, zo merkten we daarna. Toen we dan meneer maar uitnodigden, zaten we vervolgens een halve avond te wachten op zijn komst. Geen spoor van hem, helaas. Later werd dit afgedaan met een half excuus. De gezelligheid onder de buren was ver te zoeken. Het contact bleef een beleefd groeten met een kort gesprekje nu en dan. Met meneer, want mevrouw die zag je niet, of probeerde je niet te zien als ze iets in de kliko wierp terwijl je langsliep.

Grenzend aan ons wijkje was de bushalte. Hier reed de bus naar de grote stad. Het was wennen, om regelmatig de enige passagier te zijn zonder hoofddoek. Ook bij de lokale supermarkt vormde ik opeens een minderheid. Dat voelde best gek. Toch had ik het motto ‘leven en laten leven’ nog steeds hoog in het vaandel. Met vriendelijkheid kom je nu eenmaal verder, dacht ik.

Helaas bleef ik een onzichtbare muur ervaren tussen mij en mijn islamitische dorpsgenoten. Op de een of andere manier kwam het niet tot stand. Tegelijkertijd drong de ander cultuur zich aan me op. Voor de verhuizing had ik me verheugd op het zonnen in de achtertuin. Maar langzaam maar zeker voelde ik me (te) ontkleed als ik dit probeerde. Voorafgaand aan een bezoek aan de supermarkt werd ik me bewust van (te) blote lichaamsdelen, iets waar ik me nog nooit eerder druk over had gemaakt. De hoofddoeken en gewaden wierpen een schaduw over mijn vrije gevoel. En ik trok regelmatig een jasje aan.

Tot zover bleef het binnen de perken, al gaf het ongemak. En misschien gaf het wel meer. Dit wederzijdse onbegrip en grenzeloze tolereren wat we als Nederlands zo lang hebben gedaan, is mogelijk een grondslag voor alle frustratie en verwijdering tussen de verschillende groepen. En niet alleen in Nederland.

Want nu, nu staat de wereld in brand. Boze mannen blijken ons, westerlingen, te haten uit naam van hetzelfde geloof als mijn buren. Ze hakken hoofden af en steken met messen. Zetten kleine kinderen aan tot moord. Drijven met gemene aanslagen Europa uiteen, opdat het instort van ellende. De aanvallen zijn grootscheeps en kleinschalig. Elke dag gebeurt er wel wat. Je wordt er knap beroerd van. Je wordt er hartstikke bang van. En het lijkt overal te zijn. Zelfs in een vakantiepark waren onschuldige (blote) benen niet veilig voor de strijders van (naar eigen zeggen) Allah.

Blote benen in het park. Daar was de grens. 

De angst, die de afgelopen weken telkens was gegroeid, maakte plaats voor boosheid. Blote benen in een vakantiepark. Ja dûh! Nu is het genoeg! Dit is het keerpunt!

En daarom een oproep, niet uit extremiteit, maar wel uit de grond van mijn hart:

Respect voor wie wij zijn. Wij hebben ook onze cultuur en in die cultuur kun je in een tennisrokje naar het sportpark fietsen zonder te moeten vrezen voor je leven of gezondheid. En kun je aan het strand liggen als je daar zin in hebt. En ben je als vrouw veilig, al liep je in je nakie over straat. Kom niet aan onze waarden, waar we groot mee zijn geworden. En als je dat niet aanstaat, ga dan je dan ergens anders uitleven. Je bent niet welkom met je haat en je zwarte geest.

Nederland en Europa zijn groot geworden in vrijheid en verdraagzaamheid. In die vrijheid en verdraagzaamheid willen we leven. En desnoods vechten we daarvoor.

Nu nog de weg vinden naar mijn buurman, die misschien wel net zo bang of boos is als ik…

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

De lucht in

lucht 2

Een website is een uitdaging. Want wanneer is ze af? Wanneer zijn de teksten, de beelden en vooral ook de bouwer op orde? Eindeloos kun je knutselen aan thema’s en lay-out. Telkens weer zie je iets dat net even mooier en smoother is. Wanneer ben je er klaar voor? Uit onzekerheid blijf je dralen en schuif je het online gaan voor je uit. Een boek heeft tenminste een deadline. Als het bij de drukker is, ben je klaar.

Een website is een heerlijk instrument. Het is nooit af en daarom altijd in beweging. De site staat synoniem voor leven en groei. Je kunt geen echte fouten maken, of er is wel een update voor beschikbaar. Een website nodigt uit tot spelen en uitproberen. Je kunt vorm en inhoud net zo presenteren als jij dat wil. En als je inzichten veranderen met de tijd, verander je de site met je mee.

Een website is maar een website. De synoniemen voor het leven zijn makkelijk in te vullen. Wat doe jij, blijf je bij de eerste druk met af en toe een ingrijpende herdruk als het echt niet anders meer kan? Of sta je jezelf regelmatig een verfrissende update toe?

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone